FCB werkt voor de branches:
Dienstverlenen in Arbeidsmarktvraagstukken

Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening

Print

CAO Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening 2008-2011

    • CAO Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening 2008-2011
    • >
    • Modellen en regelingen
    • >
    • Adviesregeling Telewerken

Adviesregeling Telewerken

In de CAO Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening 2008-2011 is in artikel 6.6 het volgende opgenomen:

“De werkgever en de Ondernemingsraad of Personeelsvertegenwoordiging maken afspraken die telewerken stimuleren. Zij stellen vast welke groepen werknemers kunnen thuiswerken. De werknemer kan indien hij onder deze doelgroep valt een verzoek doen aan de werkgever om minimaal 1 dag per week thuis te werken. De werkgever komt met de OR of Personeelsvertegenwoordiging een vergoedingsregeling overeen.
 
Een model protocol thuiswerk/ telewerken is digitaal beschikbaar op www.fcbwjk.nl”

Op deze pagina treft u eerst meer informatie aan over Telewerken. Vervolgens treft u een voorbeeld aan van een telewerkcontract.

 
Telewerken

Een telewerker is een werknemer die gedurende tenminste twintig procent van de werktijd buiten het kantoor (dus niet noodzakelijk thuis) werkt, gebruikmakend van informatie- en communicatieapparatuur. Telewerken geeft de werknemer meer mogelijkheden om de werktijden zelf in te delen en het scheelt reistijd. Het werk is daardoor beter met privé te combineren. De vrijheid van de werknemer stelt eisen aan de persoon zelf, zoals zelfdiscipline. Maar ook aan de leidinggevende die niet langer op aanwezigheid kan sturen maar op resultaat zal moeten gaan sturen.

De arbeidsovereenkomst tussen de werkgever en de werknemer verandert niet van rechtskarakter door het enkele feit dat de werknemer (een deel van) zijn werktijd thuis doorbrengt en bij de uitvoering van het werk in bepaalde opzichten meer vrijheden krijgt. De taken, verplichtingen, verantwoordelijkheden en voorwaarden van een telewerker blijven onveranderd. Het salaris, pensioen, de arbeidsvoorwaarden en de verzekeringen blijven onveranderd, met uitzondering van de in de overeenkomst genoemde vergoedingen en ter beschikking gestelde middelen.

 
Inrichting werkruimte

De inrichting van een werkruimte die de werkgever verstrekt of ter beschikking stelt aan de werknemer, behoort bij zakelijk gebruik niet tot het loon wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  1. Er is een gedagtekend schriftelijk contract tussen de werkgever en de betrokken werknemer.
  2. In het contract zijn de naam en het adres van de werknemer vastgelegd.
  3. Het contract bevat de dag of dagen in de week waarop de werknemer in de werkruimte thuis werkt.
  4. Het contract wordt bewaard bij de loonadministratie.
  5. Per vijf kalenderjaren mag voor de inrichting van de werkplek niet meer dan €1.815 inclusief BTW (waarde in het economisch verkeer) onbelast worden verstrekt of ter beschikking gesteld.
  6. De werknemer werkt ten minste eenmaal per week gedurende de gebruikelijke werktijd, zonder dat ook naar een arbeidsplaats buiten de woning wordt gereisd, voor de vervulling van zijn dienstbetrekking, in de werkruimte met behulp van telematica. Dit betekent dat op de werkplek thuis de mogelijkheid van digitale communicatie via een computer en een modem met de reguliere werkplek aanwezig is.
  7. De inrichting van de werkruimte voldoet aan de eisen gesteld in het Arbeidsomstandighedenbesluit.

Naast bovengenoemde fiscaal vrijgestelde vergoeding is het ook mogelijk dat de werkgever de werknemer een vergoeding verstrekt voor het gebruik van de werkruimte (huur van de woning). Door de eisen die hieraan gesteld worden (70% van het inkomen moet vanuit de thuiswerkplek worden verdiend) komen veelal alleen zelfstandigen en vertegenwoordigers hiervoor in aanmerking.

Natuurlijk is het ook mogelijk dat de werkgever een bruto vergoeding verstrekt als de vrijgestelde vergoeding de kosten niet dekt of niet aan de voorwaarden voor de vrijgestelde vergoeding wordt voldaan.

 
Arbeidsomstandighedenbesluit

Volgens het Arbeidsomstandighedenbesluit moet de werkruimte aan de volgende eisen voldoen:

  1. De werkplek van een thuiswerker is ingericht volgens de ergonomische beginselen, tenzij dit redelijkerwijs niet kan worden gevergd (artikel 5.4). Indien de thuiswerker al zelf beschikt over een ergonomisch ingerichte werkplek, behoeft deze niet alsnog ter beschikking te worden gesteld (artikel 5.15).
  2. De arbeidsplaats is zodanig verlicht dat het aanwezige licht geen risico oplevert voor de veiligheid en gezondheid van de thuiswerker (artikel 6.3, lid 1). Op de arbeidsplaats komt, voor zover mogelijk, voldoende daglicht binnen en zijn voldoende voorzieningen voor kunstverlichting aanwezig (artikel 6.3, lid 2). Als de thuiswerker al zelf beschikt over voorzieningen voor kunstverlichting, hoeft de werkgever van de thuiswerkgever deze niet alsnog ter beschikking te stellen (artikel 6.30).

Let op!

Naast het verstrekken of ter beschikking stellen van de inrichting door de werkgever, kan de werkgever ook een vergoeding geven. Het totaal van alle vergoedingen en/of verstrekkingen mag per vijf kalenderjaren echter nooit meer zijn dan €1.815 inclusief BTW.

 
Computer en modem

De telewerker moet thuis over een computer en modem beschikken. De werkgever kan apparatuur en software van de werkgever gebruiken.

Sinds 1 januari 2005 mag een werkgever aan een werknemer een computer en dergelijke apparatuur (en bijbehorende apparatuur) alleen onbelast vergoeden, geven of beschikbaar stellen, als de apparatuur voor 90% of meer zakelijk wordt gebruikt. Als de apparatuur meerdere jaren van belang is, mag de werkgever maximaal het bedrag van de jaarlijkse afschrijving onbelast vergoeden. Als de kostprijs inclusief omzetbelasting minder is dan €450, mag de werkgever het hele bedrag ineens onbelast vergoeden of verstrekken.

Een voorbeeld van dergelijke apparatuur is een organizer, omdat deze vooral bedoeld is om zelfstandig te worden gebruikt. Dat geldt ook voor pocket-pc’s, mini-notebooks en navigatieapparatuur. Maar een smartphone en een BlackBerry zijn communicatiemiddelen.

Bijbehorende apparatuur is apparatuur die bestemd is om aan de computer te worden gekoppeld om informatie uit te wisselen. Voorbeelden hiervan zijn een modem, een printer, een fax en een docking station (een apparaat dat wordt geplaatst tussen een portable computer en een bureauset). Bij de aanschaf van een computer met bijbehorende apparatuur wordt het zakelijk gebruik van het geheel getoetst. De werkgever moet het zakelijk gebruik van de bijbehorende apparatuur wel toetsen als deze apparatuur geheel of gedeeltelijk zelfstandig kan worden gebruikt en niet snel kan worden aangenomen dat zij voor 90% of meer zakelijk gebruikt wordt. Dit betekent bijvoorbeeld dat de werkgever een digitale camera meestal niet belastingvrij kan vergoeden, geven of beschikbaar stellen.

Wordt de computer voor meer dan 10% privé gebruikt, dan is sprake van loon. Een vergoeding moet de werkgever dan tot het loon rekenen. Bij een verstrekte computer wordt de waarde in het economische verkeer tot het loon gerekend. Bij een ter beschikking gestelde computer moet de werkgever in het eerste, tweede en derde jaar, 30% van de waarde in het economisch verkeer van de computer tot het loon rekenen. Daarbij wordt uitgaan van de waarde op het moment van de eerste ingebruikneming. De bijtelling geldt alleen voor de eerste 3 jaren na de eerste ingebruikneming van de computer. Vanaf het vierde jaar kan de werkgever de computer zonder bijtelling ter beschikking stellen.

Informatie

Meer informatie over telewerken en alle daarmee samenhangende aspecten kunt u vinden op:

 
Voorbeeld telewerkcontract